Bij Lucas maakt de jeugdverpleegkundige een blunder

Sommige kinderen blijven me bij vanwege hun eigenheid, hun bijzondere verhaal, of het leuke gesprek dat we hadden. Anderen vanwege de hevige emoties die onverwacht naar buiten kwamen, door de bijzondere vragen die ze stelden, of omdat hun uiterlijk opviel. Lucas blijft me om geen van die redenen bij. Het is al jaren geleden, maar ik vergeet hem niet omdat ik zo’n stomme blunder heb begaan in het gesprek.

Onvoorstelbaar slordige hanenpoten maken de vragenlijst onleesbaar

Van zijn mentor had ik al gehoord dat Lucas een onzeker jongetje was, dat nog steeds de kat uit de boom keek op sociaal gebied. Ik las dat ook terug in de notities in zijn dossier die gemaakt waren bij het groep 7 onderzoek 2 jaar eerder. Toen heeft hij een weerbaarheidstraining gevolgd. Gepest werd hij gelukkig niet, althans: er stond van niet. Wat hij op zijn vragenlijst voor dit gesprek had ingevuld was zeer slecht leesbaar. Onvoorstelbaar slordige hanenpoten maakten dat grotendeels onmogelijk. Hij had in elk geval niet aangekruist dat hij werd gepest en ook niet dat hij depressieve gevoelens had.

Ik zie een spichtig mannetje met afhangende schouders en kortgeknipt piekhaar

Een spichtig mannetje kwam binnen. De wat afhangende schouders in een te grote trui deden hem jonger lijken dan hij was. Door zijn kortgeknipte piekhaar piepten wijduitstaande oren. Zijn ogen waren wijd opengesperd, alsof hij alert was op acuut gevaar. Hij oogde duidelijk niet op zijn gemak. Ik deed mijn best om dat te veranderen met wat vragen over zijn hobby’s. Hij voetbalde en gamede,  maar had daar niet veel over te zeggen, en hij ontspande niet. Dan maar wat sneller erdoorheen, ik had bijna medelijden met hem en wilde hem niet langer dan noodzakelijk dit ongemak aandoen.

‘Wat voor operatie?’ vraag ik. Heel zacht krijg ik antwoord

Omdat ik zijn opmerking op de vragenlijst bij het onderwerp gezondheid niet kon lezen, vroeg ik hem wat er stond. ‘Daar staat operatie’, zei Lucas zacht. Ik wachtte even maar hij voegde er uit zichzelf niets aan toe.  ‘Eh, wat voor operatie, Lucas?’ Nog zachter antwoordde Lucas: ‘Aan mijn oren’. Verdorie, daarmee wist ik nog niks. ‘Wat is er dan met je oren?’ Bijna onhoorbaar zei Lucas toen dat het ging om een correctie aan zijn flaporen. En toen, toen stelde ik hem de onnadenkende vraag wanneer dat dan zou gaan gebeuren.

‘Na mijn opmerking zie ik hem nog kleiner worden dan hij al is’

Lucas werd nog kleiner en ieler dan hij al was, toen hij daarop met ontstelde blik zei: ‘Het is al gebeurd’. Ik ga nog steeds met terugwerkende kracht door de grond als ik eraan denk. Hoe kon ik zo stom zijn. Die vraag had ik anders moeten stellen.

Dat gesprek werd natuurlijk helemaal niets meer. Met Lucas zelf werd het gelukkig wel wat; ik zie hem soms nog lopen. Hij doet het goed op school, is behoorlijk gegroeid, kijkt veel vrijer en zelfverzekerder uit zijn ogen en heeft zijn haar halflang. Van zijn oren zie je niets meer.

Lees ook: Net als veel pubers slaapt Reda slecht

Praten met een brugklasser

Het CJG volgt ieder kind, vanaf de geboorte tot het jaar waarin het 18 wordt. Onderdeel hiervan is een gesprek dat de jeugdverpleegkundige op school heeft met iedere brugklasser: hoe gaat het, zowel geestelijk, lichamelijk als sociaal? In de serie ‘Praten met een brugklasser’ vertelt jeugdverpleegkundige Tita van der Pot over deze gesprekken die zij al 9 jaar geregeld voert. Haar ervaringen zijn geanonimiseerd.

Vind je de informatie op deze pagina interessant?

Heb je een vraag aan ons? Geef dan je mailadres en/of telefoonnummer door zodat we met jou in contact kunnen komen.